29.3.08

Waarom is het boek “De Logica van de Macht” gratis te downloaden op www.maukmulder.nl?

door Mauk Mulder

Ik heb van jongs af aan veel ervaringen, er zijn veel beelden, over het ondergaan van macht, soms van schrijnende onmacht. En ook over het uitoefenen van eigen (!) macht.

Na mijn studie in psychologie ging ik mij er verder in verdiepen, door het doen van onderzoek. En ontwikkelde ik een theorie: waarom mensen macht willen, hoe ze deze verkrijgen. Waarom mensen macht over hen door anderen gedogen, ook als deze oneerlijk, onrechtmatig is. Zoals werknemers van hun managers, allochtonen van autochtonen (recente van eerdere Nederlanders), vrouwen van mannen, lager-opgeleiden van hoger-opgeleiden, jongeren van ouderen. In een integrale theorie over een aantal wetten van de macht (De Logica van de Macht) wordt geanalyseerd “wat macht is”.

Mijn doelstellingen, in publicaties, workshops, e.d.: bij te dragen tot verkleining, en opheffing van onnuttige machtsverschillen. Niet alleen denken, ook doen! Hoe kan het beter, leuker!

Een schokkende ervaring. Door een aantal signalen kwam ik erachter dat de machtigen mijn publicaties gebruiken voor versterking van hun eigen belang, hun machtsbelang! En dat de mindermachtigen dit juist veel minder of niet deden. In overeenstemming met mijn theorie, dat wèl! Dus mijn publicaties leiden soms tot vergroting van machtsverschillen.

Zo besloot ik om “De Logica van de Macht” gratis voor downloaden aan te bieden op mijn website (www.maukmulder.nl)
En dat werkt! Eén voorbeeld uit vele. Een groep van 25 studenten in de gedragswetenschappen van de Hogeschool van Amsterdam had op eigen initiatief en zonder beloning in studiepunten(!) gezamenlijk een jaar lang aan (de gedownloade versie van) De Logica gewerkt, en nodigde mij uit voor een workshop. Gaf mij een geweldige kick!
Verder: in recente jaren zijn er hoopgevende signalen over vele initiatieven in de samenleving, op verschillende plaatsen, in verschillende sectoren (bedrijfsleven, gezondheidssector, jeugdzorg, integratie) waarin netwerken zijn gevormd, erop gericht om “zonder macht” gezamenlijk dingen te doen die maatschappelijk noodzakelijk en nuttig zijn, en ook creatief en leuk. Om dit realistisch te kunnen doen is het wel noodzakelijk om heel helder te zijn over “wat macht is”. Want macht is onvermijdelijk en vaak nuttig.
Aan enkele van dergelijke netwerken doe ik mee en doe ik veel inspiratie op: met Martijn Aslander en Annedien Hoen; met Cees Hoogendijk; en enkele nieuwe zijn in ontwikkeling.
Ik ben blij met de zeer vele downloaders van “De Logica van de Macht”, en hoop dat door deze Internet verspreiding nieuwe impulsen onstaan voor dergelijke creatieve, nuttige en leuke Netwerken!

8.9.07

Arrogantie of amateurisme van onze machtige politici?

Eerder analyseerde ik hoe de politici in hun voorbereiding van het referendum over de EC Grondwet en vooral in de opvolging daarvan, tegenover de burgers te kort schoten (zie Kloof tussen “de politiek” en “de burgers”… het referendum over Europa. dd 26-08-07). Ik noemde dit arrogantie van de machtigen. Nu moet ik een andere, nog negatievere interpretatie, in overweging geven, namelijk lichtvaardig optimisme over wat het betrekken van burgers (de dialoog tussen politici en burgers) inhoudt. Amateurisme over meedenken en meedoen.

Het "kabinet van de dialoog" heeft gedurende een honderddagen periode een dialoog met de burgers onderhouden. Het heeft over de opbrengst hiervan aan de burgers hiervan geen verslag uitgebracht en is dit ook niet van plan. In het voortreffelijke stuk van Guido Enthoven (zie NRC/ Handelsblad 7 september jongstleden) heeft hij gesteld: "

a) dat er uit tienduizend opmerkingen en suggesties zeker enkele honderden bruikbare voorstellen te selecteren zouden zijn

b) dat rapportering van deze geselecteerde bijdragen een morele verplichting is ten aanzien van al deze actieve burgers
c) dat de premier een gros lijst van ideeën en plannen publiek moet maken, opdat de Kamer kan beoordelen hoe het Kabinet omgaat met deze op zich positief te waarderen vernieuwende aanpak.

Zou niet een kleine werkgroep van deskundigen (ondermeer met ambtenaren) met een bescheiden budget nuttig werk kunnen verrichten in een analyse van het materiaal? (ik neem aan dat er tevoren een plan van aanpak, inclusief de analyse van de inputs en de rapportering daarvan, is opgesteld!)

Als het Kabinet volhard in zijn "nee" op dergelijke suggesties blijft het beleid inzake het stimuleren van de burgers tot meedenken een bloedeloze zaak. En wordt de kloof tussen "Den Haag" en de burgers niet kleiner. Na voorafgaande zwakke manifestaties, gericht op verkleining van de kloof, een gemiste kans!

26.8.07

Wie moeten zich nu weer verontschuldigen voor wat en om vergeving vragen?

Berichtjes in de publicitaire zomerluwte (augustus 2007).

1. Kunnen we niet ophouden met het lachwekkende vertoon van onze goede bedoelingen? Recent bood een minister van Denemarken namens zijn regering verontschuldigingen aan (en toonde berouw) voor wat de Vikingen in 1795 en kort erna door hun rooftochten Ierland hadden aangedaan. En de burgemeester van Londen biedt snikkend(!) zijn excuses aan voor het aandeel van de stad in de Slavenhandel.
Moeten wij niet voor een reeks wandaden van onze voorvaders ons berouw gaan tonen? Kunnen er permanente rouwregisters ter beschikking worden gesteld voor excuus-makers en rouwenden over de misdaden, in het verleden door ieders voorvaders gemaakt? Zie ook “Nederland met zichzelf bezig”(deze website)

2. Willem Nijholt vertelde, op de herdenking van de Japanse capitulatie, over zijn herinnering dat hij zag dat zijn moeder door een Japanner met een stok geslagen werd; en dat hij na zijn achtste jaar, pas vijf jaar later zijn vader als een vreemde terugzag. “Ik word emotioneel als mensen vinden dat er een streep onder dit verleden moet worden gezet.”
De Japanners (=de Japanse leiders) vragen niet overtuigend om vergiffenis voor hun wandaden. Sterker: tot op de dag van vandaag wordt aan de Japanse jeugd op de scholen de leugen verteld dat Japan een oorlog ter bevrijding van de Aziatische volken heeft gevoerd. In mijn boek “De Logica van de Macht” heb ik deze leugen aan de kaak gesteld. Is het niet de hoogste tijd dat over machtsmisbruik in het algemeen en over deze – nogal recentelijke – machtstereur van Keizerlijk Japan normaal gedacht en gepraat wordt? Zoals Willem Nijholt deed!

25.8.07

Kloof tussen “de politiek” en “de burgers”… het referendum over Europa.

Ons denken, ook dat van politieke en andere richtingbepalers, over grote maatschappelijke problemen wordt vertroebeld door substantiedenken.
Zoals Aristoteles het had over zware voorwerpen die de neiging hebben te vallen, zo hebben wij het over "de Islamieten" die de neiging hebben…. Vul maar in, of over “de Christenen”. Of filosofen over “het bestiale” in “de” mens. Daar tegenover staat de functionele analyse: in bepaalde omstandigheden jagen roofdieren of prooidieren; in bepaalde omstandigheden dragen Islamieten hoofddoekjes of plegen zij terreurdaden. Andere voorbeelden van dit luie Substantiedenken: “de politiek” of “de politici”. Lui omdat dit leidt tot snelle, generaliserende oordelen die veelal onjuist zijn maar toch kunnen leiden tot negatieve effecten. De kloof tussen “de politiek” en “de burgers”!
Wel nuttige functionele analyse is bijvoorbeeld: welke acties van politici leiden tot onbegrip en erger van burgers? Wat mijzelf betreft: het gedoe inzake het referendum over de (zogenaamde) Europese Grondwet.

Het voorspel: vanuit het politieke leiderschap (Kabinet en Tweede Kamer) ontbrak een goede voorbereiding en daarop aansluitende begeleiding. Ondermeer: wat is het probleem; welke oplossingen zijn er; waarom; welke voordelen en nadelen zijn verbonden aan alternatieven; welke oplossing heeft de voorkeur van het leiderschap.
Dit gaat dus over het Nederlandse belang in Europa, over transparantie daarvan, over het betrekken van de burgers hierbij (“betrokkenheid”)

Deze voorbereiding schoot tekort. Niet slechts de verantwoordelijke politici, ook de opinievormers (de pers) slaagden er niet in om de bevolking te stimuleren, te betrekken.

Het referendum: een ontoegankelijke, (op vele plaatsen waar deze ter inzake zou liggen, was dit niet het geval) en onleesbare tekst.

Het naspel: dit was ver beneden niveau. In plaat van: we hebben het niet goed gedaan, was de boodschap (in veelvoud): jullie, burgers, hebben het fout gedaan, we hadden jullie niet moeten laten stemmen, dit gaat jullie boven de pet (x). Het ontbreekt aan inzicht en zelfs aan durf voor een sterker Europa. Wij politici moeten dit niet overlaten aan de burgers maar zelf de zaken bepalen. Enz.

Bizar. Burgers worden wel geacht een oordeel te vormen over het totaal van alle complexe problemen in een democratie en op grond daarvan op partijen te stemmen die hun vertrouwen wekken met die problemen goed om te gaan. Maar over slechts één van die problemen, “Europa en Nederland daarin” zijn wij niet in staat een verantwoord oordeel te geven? Op die te zwakke basis, zijt gij Laurens Jan Brinkhorst, toch minister geweest? Uw uitspraak x hierboven komt dus op mij over als machtsarrogantie, of zwarte-pietenspel.

Het naspel sleept zich nu nog steeds voort. De discussie lijkt meer te gaan over geharrewar of en nu wel of niet iets belangrijks aan de –herziene- tekst zal veranderen. En het politieke leiderschap schijnt te willen wachten op een uitspraak van de Raad van State of de burgers zich wel of niet mogen gaan uitspreken in een nieuw referendum. Gezien de meningsvorming in de andere landen van Europa een vraag van weinig gewicht.
Intussen wordt de Haagse bijenkorf wel in hevige beroering gebracht door de zoveelste provocatie van politicus Wilders.
Is het kernpunt van elk adequaat leiderschap niet, dat de burgers mogen verwachten dat de regering visie en politieke moed uitstraald en de koers aangeeft inzake Europa en deze (kort en goed) aan de burgers voorlegt? En erop vertrouwt dat de burgers in grote meerderheid deze koers zullen steunen?

En dat oppositie- en regeringspartijen niet met hun voorgebakken stellingnamen politieke spelletjes blijven spelen omdat bij de mensen juist dit tot onbegrip leidt? Het volk krijgt het leiderschap, dat het verdient; het leiderschap krijgt de bevolking die het verdient.

Interview met Mauk Mulder, de rebelse professor die machtrelaties duidt

Interview uit "Tijdschrift voor mediation en conflictmanagement 2007(11) 2.
Ad Kil

Generaties sociale wetenschappers zijn ermee opgegroeid. Sociologen, sociaalpedagogen
en psychologen die opgeleid zijn in de jaren zeventig en tachtig hebben
vaak een karakteristieke reactie. De blik der herkenning, het zoeken in de herinnering
en na … enige momenten … komen de woorden: macht … gelijkmachtigheid
… overleg … conflicten … conflicthantering … opstart van de ondernemingsraden
… de uitvinder van het overleg … wellicht zelfs mede-grondlegger van het
poldermodel in de praktijk …

Niet zelden komt daarna de verzuchting over ‘dat groene, dunne boekje’. Dat
boekje was waarschijnlijk één van de eerste echte publicaties over conflicthantering.
Met in dat boekje niet de escalatieladder, maar – op een prachtig uitvouwbare
achterflap – de twintig stappen voor de-escalatie (zie pagina 11). Velen zijn
het kwijtgeraakt: verhuizing, uitgeleend; velen zouden het graag weer hebben …

Wie naar de website1 van Mauk Mulder surft, verwacht bij de uitspraak ‘de rebelse
professor die de machtsrelaties duidt’ een jonge, net benoemde hoogleraar die
aan de weg timmert om bekendheid te verwerven. Niet een vitale 84-jarige, die
nog volop actief is, midden in de wereld staat en daarbij gebruikmaakt van alle
moderne communicatiemiddelen om zijn verhaal te vertellen. Het verhaal van
– zoals hij zelf zegt – de rebel tegen onnuttig gebruik van macht (machtsmisbruik),
van pesten tot harde terreur.

Voldoende aanleiding dus om Mauk Mulder eens op te zoeken en hem vragen te
stellen over wat hem bezighoudt. Als redactie zijn we in het bijzonder geïnteresseerd
in zijn reactie op de volgende drie vragen:
1 Was machtsdenken in relatie tot conflictmanagement in het tijdsgewricht
waarin Mulder dat op de agenda zette een moeizaam onderwerp?
2 De overheid als partij in een mediation, kan dat eigenlijk wel, gezien vanuit de
opvattingen waarmee Mauk Mulder populair werd?
3 Zijn we een beetje opgeschoten met de theorievorming de afgelopen dertig
jaar, waar staan we nu?

De oerscènes

Als opstart van het interview vertelt Mauk een drietal gebeurtenissen die vormend
zijn geweest voor zijn latere ontwikkeling en werk en daarmee voor zijn
reacties op de drie vragen.

Scène 1: De opvoedkundige tik
Een gebeurtenis die diepe indruk heeft gemaakt, is de wandeling die hij eens met
zijn vader maakte, en daarbij wat liep te ‘klieren’, zoals kinderen dat kunnen doen.
In een moment van ongeduld kreeg hij midden op straat een fikse draai om de oren
van vader. Terecht, zegt hij nu: ik had het gewoon verdiend, ik vroeg er gewoon
om. Een hele grote mannelijke voorbijganger trok zich het – vermeende – lot van
de kleine jongen aan, en begon daarop de vader vrij grof tot de orde te roepen.
De kleine Mauk begreep hier niets van. Waarom bemoeide deze man zich ermee?
Bovendien, die tik was eigenlijk gewoon terecht. Wie is hier de baas over mij, wie
denkt dat hij boven mijn vader uit kan ….

Scène 2: Vechten voor je hachje
Als jongeman was Mauk geen lieverdje. Fysiek sterk, lid van een straatbende,
sporter (voetbal, vooral waterpolo en tafeltennis), lid van verenigingen, politieke
partijen en actiegroepen, eigenlijk lid van groepen waar het ging om de macht,
om de strijd. Daar – in die realiteit – leer je wat macht is, wat tegenmacht is, wat
machtsconflicten zijn en hoe gestreden moet worden. Dat leer je niet als wetenschapper,
daar leer je iets anders. Hoe het echt is, leer je alleen in het ‘echte’. En
in dat echte is ook het echte leven, het plezier, het er met elkaar tegenaan gaan,
de impliciete waarden van kameraadschap en vijandschap. ‘Soms moet er ook
gewoon met macht ingegrepen worden.
Dit is altijd de rode draad gebleven in zijn werk als wetenschappelijk onderzoeker
en publicist en het heeft zijn werk als hoogleraar sociale psychologie en experimentele
groepenpsychologie van studenten (Universiteit Utrecht) en hoogleraar
bedrijfskunde (Erasmus Universiteit Rotterdam) in hoge mate bepaald.
De link tussen de academie en ‘het echte’ loopt als een rode draad door zijn leven:
docent en trainer van managers en ondernemers (vaak eigenaren) in midden- en
kleinbedrijf, en van centrale overheidsfunctionarissen, leiderschapsconsultant
in vele grote ondernemingen en enkele overheidsinstellingen en commissariaten
bij enkele Amerikaanse en Nederlandse ondernemingen. Met plezier en trots
verwijst hij naar zijn praktijkervaringen als Nummer Eén (‘werkend voorman’)
van twee universitaire instituten en interim-leiderschap gedurende een zestal
jaren van twee nationale organisaties in de gezondheidszorg. Zijn publicaties (een
tiental boeken en enkele honderden tijdschriftartikelen), lezingen en workshops
waren altijd gericht op thema’s als leiderschap en strategie; macht en vooral op
beïnvloeding die niet op macht is gebaseerd (het wederzijds open overleg of consultative
leadership); conflicthantering en samenwerking.

Scène 3: Lezen op het onderduikadres: Functionele Analyse versus Substantietheorie
Gedurende de oorlog was Mauk als twintigjarige 2,5 jaar ondergedoken. In die
periode worstelde hij zich, zonder begeleiding, door het werk van Kant heen. De
boeken kwamen via de plaatselijke bibliotheek. De rode draad wordt de Functionele
Analyse versus de Substantietheorie.

Vraag 1: Was conflicthantering en machtsdenken in relatie tot conflictmanagement in
de jaren zeventig en tachtig een moeizaam onderwerp?


We verplaatsen ons in die tijd. De tijd van de inspraak, van verschuivende machtsverhoudingen,
van de opkomst van het overleg. De ondernemingsraad start vanuit
een – mild – conflictmodel en blijft daar lang in hangen. Er wordt gezocht
naar productieve vormen van inspraak, participatie en er wordt gezocht naar de
grenzen van machtsverhoudingen en conflicten. Vandaag de dag zijn vergadertechnieken,
besluitvormingsmodellen en cursussen medezeggenschap de trends,
in plaats van leren omgaan met fundamentele zaken zoals machtsdrijfveren.
Mauk Mulder stelt dat ook wetenschappers op zoek zijn naar een radicaal omslagpunt,
een acute crisis, alsof vanuit ‘niets’ plotsklaps ‘iets’ ontstaat.
Bijvoorbeeld: wat heeft ertoe geleid dat de jongeman een moordenaar werd: is hij
door een vrouw afgewezen? Botste hij met zijn vader? Maar de lange aanloop van
kleine ergernissen, van onbegrepen, wel gevoelde bejegeningen, naar de (vulkanische)
uitbarsting blijft onderbelicht; de ‘bevorderende’ voorwaarden worden niet
geanalyseerd.
Zelfs al zijn er kritieke omslagpunten te signaleren, dan nog dienen die gebeurtenissen
niet geïsoleerd van hun tijd en context gezien te worden. Conflicten en vragen
over de verdeling van en het omgaan met de macht, en in het bijzonder over
die relatie waren er. Ze zijn niet uitgevonden door de wetenschap, maar werden in
het consultancywerk gewoon aangetroffen.
Na zijn promotie over Groepsstructuur, Motivatie en Prestatie waarin hij groepsstructuren
en individuele gedragingen in één kader integreerde, ‘rolde’ Mauk
Mulder als vanzelf ook het advieswerk in, en – het ligt voor de hand – ook in dat
onderwerp. De wetenschap vertalen naar de praktijk, en de praktijk vertalen naar
de wetenschap wordt gematerialiseerd door zijn werk in beide ‘werelden’. We zien
dat mooi uitgedrukt in een van zijn eerste publicaties: Conflicthantering. Theorie
en praktijk in organisaties
(1978). Kort daarna – 1980 – verscheen het begeerlijke
‘groene’ boekje: Conflicthantering, en enkele jaren daarna (1984) zijn bekende
Omgaan met Macht. Ons gedrag met en tegen elkaar.

Dat laatste werk gaf het conceptuele kader en de taalelementen over machtsverhoudingen
die hun waarde nog steeds hebben, waarbij hij geïnspireerd werd
door de Duitse socioloog Weber en de Amerikaanse sociaalpsychologen French
en Raven. Mulder stelt dat macht altijd een machtsrelatie is. Mulder stelt: ‘Macht
kan gedefinieerd worden als het – tot op zekere hoogte – kunnen bepalen van of
richting geven aan het gedrag van een ander of anderen, en wel meer dan omgekeerd
het geval is.’ Een aantal grondslagen (factoren) van een dergelijke machts-
relatie zijn met een specifiek ontwikkeld meetinstrument (de Interactie Analyse
Questionaire – IAQ) te bepalen.2 Dat wil zeggen dat van de machtsrelatie de factoren
1, 2, 3 en 4 te meten zijn. Factor 5 is de non-macht invloedsrelatie en de
enige waarin overleg mogelijk is. Factoren 6 en 7 geven de richting van de invloed
weer, en factor 8 drukt niet-machtverhouding uit (zoals bij expertmacht), maar
de mate van vakbekwaamheid, dat vaak niet vergeleken kan worden, maar wel
een rol speelt in de persoonlijke reputatie. In schema:

type relatie vorm
machtsrelatie factor 1: sanctiemacht
factor 2: formele macht (positie- of legitieme macht)
factor 3: modelmacht (of referentie-, identificatiemacht)
factor 4: expertmacht (deskundigheidsmacht)

niet-macht factor 5: wederzijds open overleg (overtuigingsrelatie)

richting buiten eigen groep of factor 6: invloed naar boven
eenheid factor 7: invloed naar buiten
factor 8: vakbekwaamheid

Mulder definieert macht als een relatie van ongelijkheid, tussen meer- en
mindermachtige(n). De machtige kan straff en/belonen, heeft een formele positie,
kan een voorbeeldfunctie hebben, weet en/of kan meer.
Steeds pleit Mulder voor verkleining van onnuttige machtsverschillen en voor het
hanteren van het door hem zogenoemde wederzijds open overleg. Dit Wederzijds
Open Overleg is gedefinieerd als: het gezamenlijk zoeken naar een oplossing van
een probleem waarin ieder aan de inbreng van de ander(en) net zoveel gewicht
geeft als aan de eigen inbreng. In zijn recente werk De logica van de macht3 komen
alle lijnen van zijn werk bij elkaar.

We zien de invloed van dit denken op onder andere het inrichten van het systeem
van de ondernemingsraad waar Mauk Mulder indertijd – samen met de hoogleraar
Slagter – intensief bij betrokken was. Zonder daar specifiek op in te gaan, gaat het
bijvoorbeeld over verschillende soorten van interactie waarin de verhoudingen
geregeld zijn: overleggen, adviesrecht, instemmingsrecht, voorstellen kunnen
doen. Bepaalde verhoudingen daarvan zijn wettelijk een zuivere machtsrelatie,
andere verhoudingen zijn wettelijk zuivere niet-machtrelaties. De verhouding
tussen deze twee ‘relatievormen’ maakt het ondernemingsraadwerk niet altijd
eenvoudig. Enkel al aan de hand van deze verhouding kunnen ontwikkelingen
van de ondernemingsraad historisch goed beschreven worden. Interessant is dat
Mauk Mulder pertinent stelt dat ondernemingsraden in het algemeen veel te weinig
gebruikmaken van de wettelijke mogelijkheden. Het is volgens hem goed het
ondernemingsraadwerk precies zo te doen zoals het wettelijk kan, mag en moet.

Dat betekent – in zijn woorden – open overleggen waar het moet, en dat dan ook
doen, en macht tegenover macht zetten waar dit onvermijdelijk en nuttig is.
De verwevenheid van macht en conflict in de jaren zeventig en tachtig heeft naast
goede instrumenten voor overleg ook veel diffusie opgeleverd. Denken over conflicten was vooral ook denken in termen van conflicten tussen grote groepen: de
directie/eigenaar versus de werknemers, de bestuurder tegenover de student, de
overheid tegenover de burger.

Twintig stappen voor de-escalatie

Ingrepen in Conflicten (1978)

Ingreep 1 verminderen van interdependentie, afstand creëren tussen partijen
Ingreep 2 verminderen van tegengestelde belangen
Ingreep 3 verduidelijken, ontdekken, respectievelijk creëren van overkoepelende
belang(en)
Ingreep 4 verkleinen van extreme machtsverschillen
Ingreep 5 verkleinen van beperkte machtsverschillen
Ingreep 6 verminderen van botte, negatieve sanctiemacht, van blinde formele macht
en van overtrokken referentierelaties
Ingreep 7 met open argumentatie het conflict bespreken (confrontatiemodel)
Ingreep 8 (doen) aanvaarden van bepaalde verschillen in macht
Ingreep 9 onderhandelen
Ingreep 10 tot stand brengen en onderhouden van effectieve informatie-uitwisseling
Ingreep 11 toepassen van organisatorische systematieken, zoals langetermijnplanning,
management-informatiesystemen, taken en bevoegdhedensystematieken
e.d. en ook beroeps- en bemiddelingsprocedures
Ingreep 12 verminderen van tijdsdruk
Ingreep 13 verminderen van publiekelijk karakter van een conflict
Ingreep 14 veranderen van de relatie van vertegenwoordigers met hun achterban
Ingreep 15 het inschakelen van onafhankelijke derden; conflictconferenties met
begeleiders
Ingreep 16 terugdringen van affecten, ontpersonaliseren, sectorbeperking
Ingreep 17 inspelen op psychologische (indivduele groeps)factoren
Ingreep 18 opvoeren van realiteitsbesef, vooral in een langetermijn-perspectief;
voltrekken van situatieanalyse
Ingreep 19 beïnvloeden van normen en waarden
Ingreep 20 …


Macht en conflictoplossing

Volgens Mauk Mulder worden langdurige conflicten uiteindelijk altijd machtsconflicten. Het lastige daarbij is dat, als de machtige onverkort vasthoudt aan
zijn machtattitude, macht uiteindelijk alleen gebroken kan worden door macht.
Er blijft ook altijd een groot verschil tussen expertmacht (als exponent van ongelijkmachtige) en wederzijds open overleg. Veelal bedenkt of accepteert de expertmachtige
wederzijds open overleg. Daar zitten wel een aantal structurele haken
en ogen aan.

Macroanalyses over macht zijn vaak gebaseerd op de denkschema’s van macht in het
klein. Maar in het kleine, bij de mindermachtige en nogal eens in de lagere sociale
klasse, is veel meer effectieve ervaring in het voeren van een machtsstrijd dan bij
de academische top. Om met Galanter te spreken: wie is eigenlijk de Repeat Player
en wie de One-shotter [AJK]. Omdat de meermachtige slechts een oppervlakkige,
instrumentele ervaring met macht heeft (en bijvoorbeeld zelden lid is geweest van
een straatbende), is zijn kijk op ‘het echte leven’ vervalst door die ervaring met
macht. De – wellicht zelfs niet-bewuste – attitude (‘ik heb de macht’) verhindert nu
juist het zicht op de machtsverhoudingen. Mindermachtigen kijken op een manier
die machtigen niet kunnen en kennen. Als mindermachtige, als minderheid, leer
je beter met macht om te gaan, ontwikkel je concepten en strategieën die in de
praktijk werken. Mauk Mulder voorspelt vanuit deze redenering dat minderheden
in Nederland zich op dit aspect veel sneller zullen ontwikkelen dan beleidsmakers
zich nu realiseren, hetgeen tot botsingen zal leiden die met formele macht, expertmacht
of sanctiemacht niet eenvoudig aangepakt zullen kunnen worden.

Vraag 2: De overheid als partij in een mediation, kan dat eigenlijk wel?

Hoe kunnen we aankijken tegen een overheid die als ‘meermachtige’ mediation
tussen overheid en burger propageert? Een poging van de interviewer Mauk uit
de tent te lokken met opmerkingen als:
• Is dat niet de supermanipulatie van de meermachtige?
• Is dat niet de oude repressieve tolerantie van de overheid?
• Is het niet een eenvoudige kostenreductie?
• Is het een nep-gelijkmachtigheid?
• Is mediation niet gewoon een pseudo-overleg?

worden door hem resoluut van de hand gewezen.
Dat is de onzuivere machtdiscussie, dat is niet het echte leven. De overheid is
een abstractie. Denk aan de specifi eke ambtenaar, denk aan de specifi eke burger,
denk aan het specifi eke probleem: die/dat bepaalt de relatie, die/dat bepaalt het
confl ict. Spreek niet over de overheid, want dan gebeurt er niets. Onderstreep dat
het van belang is dat al die specifi eke ambtenaren en al die burgers weet hebben
van methodes als mediation.

Mauk Mulder vertelt dat hij al sinds de jaren zeventig heel veel goede ervaringen
met het oplossen van confl icten tussen meer- en mindermachtigen heeft gehad.
Hij stelt dat hij daarbij dan altijd een aantal strikte regels hanteerde, die werkelijk
zo uit het Handboek Mediation zouden kunnen komen. We noteren onder andere:
1 Niemand mag beroep doen op andere bronnen of expertmacht.
2 Alles wordt ter plaatse gezegd.
3 Formele machtsverschillen worden buiten werking gesteld (gedurende de sessies).
4 Alles wordt zo kort mogelijk uitgelegd (geen monologen).
5 Er wordt nooit evaluerend ingehaakt op opmerkingen van de ander; alle opmerkingen
dienen ter inspiratie op zoek naar een oplossing.
6 De mening van de ander wordt juist door iedereen versterkt; er wordt meegedacht.
7 Plannen en mogelijke oplossingen worden door iedereen verdedigd en niet
aangevallen.
8 Ieder dient de ander positief te ondersteunen bij het zoeken naar de oplossing.

Mauk Mulder pleit ervoor dat niet alleen de burger maar ook de ambtenaar
gebruikmaakt van het recht op mediation! ‘De overheid’ heeft als taak het gebruik
van mediation (en andere vormen van confl ictoplossingen) bij allen te stimuleren.
Voorlichting en drempelverlaging zijn een taak van de overheid, maar hij voegt
eraan toe – op typische mulderiaanse wijze – de mindermachtigen zijn wel medeverantwoordelijk als mediation tussen de ambtenaar en de burger incidenteel én
structureel niet van de grond komt. Empowerment vindt hij gewoon ‘gezeur’, de
mindermachtige moet empowerment afdwingen, en niet wachten tot inspraak of
iets dergelijks van de kar valt (van de manager, van de ambtenaar, van de organisatie,
van de overheid).

Vraag 3: Zijn we een beetje opgeschoten met de theorievorming de afgelopen dertig jaar,
waar staan we nu?


Er is veel interesse bij individuele psychologen en arbeids- en organisatiepsychologen
voor confl icten. Dat geeft vaak meer verwarring dan dat het inzicht
verschaft. Mulder noemt op dit punt de methodestrijd als voorbeeld: de gedragswetenschapper
moet observaties blijven doen, contact houden met het ‘normale’.
Onderzoek over confl icten in organisaties is momenteel vooral erg kwantitatief
(surveys). Dat is gemakkelijk, vragenlijstjes, een net weer andere variabele dan
de bekende, alles in SPSS, en hupsakee. Het kan natuurlijk meerwaarde hebben,
namelijk een wetenschappelijk beter inzicht, maar de eenzijdigheid en het automatisme
van deze methode bevalt hem niet. Ook bij de kwaliteit van veel confl ictonderzoek
zet hij vraagtekens. Een probleem is dat onderzoekers veel te weinig in
het echte leven van de organisatie komen. Dat ze niet dezelfde koffi e drinken als
de onderzochten, niet in dezelfde rij staan. Kortom, een warm pleidooi voor kwalitatief
veldonderzoek. Kijken en de confl ictlucht opsnuiven. Daarmee sluit Mauk
aan bij de – hier populair weergegeven – opvatting van Lewin: Er gaat niets boven
een goede theorie, maar om die te ontwikkelen heb je de praktijk wel nodig!


Het gevaar bestaat dat confl icttheorie te veel substantietheorie wordt. Het wemelt
van de indeling in soorten, in mechanismen, wetmatigheden, handige indelingen
en lijstjes. Maar dergelijke theorie ontneemt nu juist het zicht op de werkelijk-
heid. Omdat ze zo mooi abstract gemaakt zijn, in voor de academicus en professional
begrijpelijke taal, benemen ze het zicht op de werkelijkheid. Het gevaar
schuilt in de verleidelijkheid van de eenvoud, het geordende, het overzichtelijke.
De substantietheorie versus de functionele analyse komt zo scherp naar voren. We
lopen het gevaar dat zo de theorie over het ‘ding-op-zich’ de theorie over ‘alles’
wordt. Voor je het weet, worden systeemtheorie, communicatietheorie, sociale
identiteitstheorie, om maar enkele voorbeelden te noemen (die op zich ook last
hebben van dit mechanisme), confl icttheorie. En als we op grond daarvan oplossingen
gaan bedenken en construeren, dan zitten we snel in de problemen. Dat
gevaar dreigt ook voor mediation. Omdat het relatief nieuw is, dreigt het eclectisch
te worden met het wellicht onvermijdelijke gevolg dat het straks alleen nog
een substantietheorie wordt [hoewel we met termen als ‘beleidsmediation’ of
‘oplossingsgerichte mediation’ wellicht al zover zijn, AJK].

Op dit punt aangekomen, neemt Mauk Mulder een apert standpunt in. Juristen
mogen in zijn opvatting nooit ontwerpers van confl ictoplossingen worden. Vanuit
een te respecteren positie is het juridisch denken niet gericht op het ontstaan
van confl icten, maar op onderscheiden en defi niëren van uitgebroken confl icten,
en in die zin wakkert het het confl ictdenken aan. Maatschappelijk zien we een
totale juridisering van de samenleving op alle domeinen. Het rechtsbedrijf is een
fl orerende business, het aantal advocaten en procedures groeit exponentieel. Als
juristen betrokken zijn bij het ontwerpen van oplossingen zal die oplossing altijd
een juridisering inhouden en in-zichzelf contraproductief zijn. De stelling van
Mauk Mulder is: Goed leiderschap is proactieve confl icthantering!

Oplossingen moeten bedacht worden door sociale wetenschappers. Die moeten
voorlopen, die dienen ontwerpen te maken en te analyseren en te toetsen of het
kan. De juridisch discipline dient de functie van ‘naloper’ te hebben. Te controleren
of het mag.
Hoe komt het dat de sociaalwetenschapper een verschijnsel heel anders waarneemt
dan de jurist en vice versa? Een interessante vraag is bijvoorbeeld: zou
de juridisch ontwerper van een confl ictoplossing(smethode) ooit op de gedachte
kunnen komen dat een organisatie ‘loyale rebellen’ nodig heeft. Waarschijnlijk
niet. Het ligt meer in de rede dat de sociaalwetenschapper dat bedenkt. Waarschijnlijk
begint de jurist direct met het ontwerpen van een klokkenluiderregeling.
En hoe zinvol die ook zou kunnen zijn, je bouwt er echt geen organisatie mee
op! De rolverwarring wordt compleet als de sociaalwetenschapper zich ook nog
gaat bedienen van juridische taal …

Mauk Mulder pleit ervoor dat iedereen doet waarin hij goed is: er zijn nu eenmaal
ontwerpers en controleurs. In die zin wijst hij ook op de verantwoordelijkheid
van de sociaalwetenschapper: maak die kennis en publicaties beter toegankelijk,
zorg dat er iets mee gebeurt. De constatering, de diagnose is nooit genoeg. De
boodschap komt niet automatisch goed over, daar is meer voor nodig. Je hebt de
kennis, zet hem dan ook in!

Refl ectie van de interviewer
Ik kijk nog even terug op wat er terechtgekomen is van de vragen. Machtsdenken
in relatie tot confl ictmanagement was in de jaren zeventig en tachtig inderdaad
wellicht een moeizaam onderwerp, maar het waren ook de onderwerpen waar in
de theorie en in de praktijk dringend antwoorden op gevonden moest worden.
Het lag voor het oprapen en Mauk Mulder raapte het op.
De discussie over de overheid als partij in een mediation is de foute ingang. De
ingang moet zijn dat burger en ambtenaar gebruik dienen te maken van het recht
op mediation
. De overheid, de ambtenaar en de burger zijn verantwoordelijk voor
het succes ervan. De vraag of we de afgelopen dertig jaar een beetje opgeschoten
zijn met theorievorming levert op dat we wellicht te gemakkelijk kwantitatief
onderzoek doen en het kwalitatief veldonderzoek veronachtzamen. Dat zou wel
eens noodzakelijk kunnen zijn om betere oplossingen te bouwen, want dat kan
niet aan de juristen worden overgelaten, volgens Mauk Mulder.

Rest nog het vraagstuk van de oerscènes. Leverden zij de rebelse professor die de
machtsrelaties duidt
op? Die definitie lijkt wel te kloppen! Stof geven tot nadenken:
dat is de functie van de loyale rebel. Niet bang om een tik te krijgen, niet bang om
er een uit te delen. Niet bang zijn om een loyale rebel te worden; liefst samen met
anderen.

1) Zie en binnenkort .
2) Mulder, M., Omgaan met macht. Ons gedrag met en tegen elkaar, Amsterdam: Elsevier 1984.
3) Mulder, M., De logica van de macht, Schiedam: Scriptum 2005.

8.5.07

"Mauk Mulder"

Mauk Mulder over macht

Door het doen van de machtigen wordt het plezier van velen in hun werk en in hun vrije tijdsbezigheden, verpest en wordt hun geluk aangetast. De machtigen willen dit niet tot zich laten doordringen. Maar de mindermachtigen zijn medeverantwoordelijk. Zij kunnen er iets aan doen; door hun inzet, door hun inzicht te verdiepen, door hun capaciteiten te oefenen, door hun attitudes (zoals vooral de Z-factor, zelfpositiviteit, het positieve zelfbeeld) te versterken.
Vaak is dit effectief, namelijk als de mindermachtigen in staat zijn om het (meetbare!) zogenaamde wederzijdse open overleg in de praktijk te brengen in hun omgang met machtigen.
Soms is echter harde machtsstrijd nodig, vooral van samenwerkende mindermachtigen.
Macht: beter en leuker!



Mauk Mulder
Rebel tegen onnuttig gebruik van macht (machtsmisbruik), van pesten tot harde terreur, dat hij signaleert op scholen, op straat, op de werkvloer en in de directiekamer, in de sport, in de politiek, in de wereld.
Bij zijn analyses en duidingen maakt hij gebruik van:
· zijn eigen ervaringen als scholier, als lid van een straatbende, als sporter en sportteam coach, als lid van verenigingen, politieke partijen en actiegroepen, als burger van Nederland en de wereld. Lang vóóraf aan de huidige terreurgolf van kleine groepen heeft hij sinds de 70er jaren de kwetsbaarheid van de gigasystemen in de westerse samenleving gesignaleerd (de USA, Europa),
· zijn inzichten als wetenschappelijk onderzoeker en publicist,
· zijn werk als hoogleraar in sociale psychologie en experimentele groepenpsychologie van studenten (Universiteit Utrecht) en hoogleraar bedrijfskunde en als docent en trainer van managers en ondernemers (vaak eigenaren) in midden- klein bedrijf en centrale overheidsfunctionarissen (Erasmus Universiteit Rotterdam),
· zijn ervaringen als leiderschaps consultant in vele grote ondernemingen en enkele overheidsinstellingen en als commissaris van enkele Amerikaanse en Nederlandse ondernemingen,
· zijn praktijkervaringen als Nummer Eén (“werkend voorman”) van twee universitaire instituten en interim-leiderschap gedurende een zestal jaren van twee nationale organisaties in de gezondheidszorg,
· zijn activiteiten: onderzoek (tiental boeken en enkele honderden tijdschrift artikelen); lezingen en workshops gericht op thema’s als leiderschap en strategie; macht en vooral op beïnvloeding die niet op macht is gebaseerd (het wederzijds open overleg of consultative leadership); conflicthantering en samenwerking.


Boeken onder meer: De logica van de macht. Scriptum, nov. 2004 ISBN 90.5594.320.7

Mauk Mulder probeert in “De logica van de macht” de lezer op weg te helpen naar
een diepgaand inzicht in wat macht is
het oefenen van zijn/haar capaciteiten om beter met macht om te gaan
het versterken van zijn/haar attitudes (grondhoudingen)
nodig voor betere en leukere omgang met macht.

Hij doet dit door het rapporteren van een groot aantal voorbeelden (cases) van goede en/of slechte omgang met macht uit zijn praktijk, van enkele historische leiders, van leiders in de Nederlandse bedrijven-, politieke-, sport- wereld, maar ook van machtsrelaties van apen en leeuwen, van baby’s, jeugdigen, middelbare scholieren en volwassenen, van mannen en vrouwen. Hierbij duikt hij diep in de menselijke drijfveren en formuleert hij zeventien wetten van de macht. Hij analyseert de overeenkomsten en – in beperkte mate – verschillen tussen mensen en dieren in machtsdrijfveren en – mechanismen. Vooral richt hij zich op de machtsrelaties die ieder in het dagelijks leven in de eigen omgeving heeft en waarop hij/zij de meeste greep kan krijgen.
Zijn doel: verkleining van onnuttige machtsverschillen binnen menselijke groepen, organisaties en maatschappij.
Hoe beter? Dit is de rode draad in het boek.



Citaten Mauk Mulder:
· Ik ben een scherp waarnemer van fouten, bijvoorbeeld in machtsgebruik omdat ik deze zelf heb gemaakt.

· Als we zouden handelen volgens onze eeuwen bekende waarden zou onze maatschappij er veel beter voorstaan.

· Duurzame machtigen raken verslaafd aan macht, zoals verslaafden aan harddrugs en zijn dan parasieten van de maatschappij.

· Door machtigen wordt het plezier van velen verpest en hun geluk aangetast.

· De minder-machtigen zijn (mede-)verantwoordelijk voor het doen en laten van de machtigen.

· Minder-machtigen kunnen proberen door in (het meetbare) wederzijds open overleg constructief samen te werken met machtigen. Als dezen dat niet willen is de keuze: strijd!

· Het harmoniemodel is ontoereikend; een conflict is vaak een nuttige, soms een noodzakelijke actie.

· De emancipatiekloof tussen vrouwen en mannen, tussen jongeren en ouderen tussen allochtonen en autochtonen, tussen laag- en hoog opgeleiden, tussen dieren en mensen, is een machtskloof.

· “Bestiaal”gedrag is niet dierlijk gedrag maar humaan gedrag.

· Het voorbeeld van de Grote Modelmachtigen (Buddha , Jezus, Mohammed, en ook Ghandi, Mandela) zouden ons gedrag veel meer moeten stimuleren dan nu het geval is.

· Binnen ieder van onze sociale systemen (bedrijven, politieke partijen, instellingen, overheidsorganen, werkgroepen enz.) zijn – loyale – rebellen dringend nodig.

· In overeenstemming met de werking van de wetten van de macht komt een klassenstrijd nieuwe stijl op gang binnen onze groepen, bedrijven, organisaties.

· Machtklimmers zijn nodig om diepgevroren (grote) machtshiërarchieën (in bedrijfsleven, politiek e.d.) te ontdooien.

· Pleiten voor één sterke, grote leider is dom; pleiten tegen leiderschap is dom.

· Een optimist over onze huidige samenleving die niet wil proberen deze te verbeteren, is niet erg nuttig. Een pessimist die dit niet wil, is heel onnuttig.

· Machtklimmers: nodig tegen bevroren machthiërarchieen en voor vernieuwing.

· Zelfs het Geloof heeft sanctiemacht nodig om geloofwaardig te zijn.

· Machtigen kunnen hun verkondigde Waarden en normen waarmaken door wederzijds open overleg. Dat is hun verantwoordelijkheid.

· Van wilde dieren/groepen kunnen mannelijke macho’s en voorgangers van vrouwenemancipatie veel leren.

· Macht genereert “vrienden”, maar geen warmte.

· Omgang met macht en beïnvloeding is moeilijker dan het bedrijven van een teamsport en zou dus meer systematische oefening vergen.

· Macht is een kwestie van doen en een uitdaging voor minder-machtigen en machtigen; het moet en kan veel beter en leuker

· Omgaan met macht en wederzijds open overleg moet een vak worden in het kleuter-, lager- en voortgezet onderwijs.



De Logica van de Macht.
Nov. 2004, Scriptum; ISBN 90.5594.3207; 213 blz.

De centrale boodschap in “De logica van de macht” en in de workshops:
Over macht……wie wil jij zijn?
Kunnen mensen echt veranderen? Door uitbreiding van kennis, door deelname aan workshops, seminars, trainingen?
Of worden we alleen handiger in het hanteren van woorden over ons gedrag, in machtstactieken, in het toneelspel zoals we ons aan anderen – en onszelf – vertonen?
Kunnen we ons diepste Zelf zijn, weer authentiek de persoon die we wilden worden, nadat we dit hebben afgeleerd onder sociale druk, in een maatschappij die er al was voordat we begonnen?
Zoals de popster zei:”in deze wereld wil ik niet leven”.
In welke wereld wil jij leven?
Wie wil jij zijn?

Kunnen we nog hopen op degenen die anders met macht willen omgaan, die variëren van licht gefrustreerd over macht en machtigen tot diegenen die zich zwaar geblokkeerd voelen en woedend zijn, die er iets aan willen doen (!).
Door te oefenen in het herkennen van macht in anderen en in erkennen van de soms – slechte – machtdrijfveren in onszelf. Door te oefenen in: hoe beter; hoe leuker.
Want: macht is de belangrijkste oorzaak van angst van mensen.



Testimonials (recensies):

Het uiteindelijke doel van de schrijver – daar machtsuitoefening nu eenmaal onvermijdelijk is – is te komen tot betere en meer plezierige machtsrelaties. Mulder heeft hiertoe de vorm van een werkboek gekozen. Hij beschrijft situaties waarin macht wordt uitgeoefend, een groot aantal praktijkgevallen die de lezer dikwijls zal herkennen. Deze casus (‘observaties’ genoemd) worden daarna geanalyseerd in ‘reflecties’. Zo ontstaat geleidelijk een topologie van de macht, een fenomenologie van haar vele verschijningsvormen. Ook wordt een aantal ‘wetten van de macht’ geformuleerd. Samen vormt dit een theorie van de macht. Als zodanig geeft het boek een goed inzicht in het beschreven verschijnsel.
Mulder wil opvoeden tot een juiste omgang met macht. Daaraan is het slothoofdstuk gewijd, waarin een groot aantal opdrachten aan de lezer worden gegeven die het onderkennen van machtsvormen (ook bij zichzelf) betreffen, de houding die men daartegenover zou kunnen innemen en het zoeken naar mogelijke verbeteringen.
Het boek zal veel mensen kunnen helpen om zowel hun positie in de samenleving en op het werk, als hun eigen mogelijkheden beter te beseffen. Maar het is ook voor de meer theoretisch ingestelde socioloog een aanwinst. Bij mijn weten is het verschijnsel macht nog nooit zo uitvoerig en meeslepend beschreven.

( J.M.M de Valk, Emeritus-hoogleraar, Erasmus Universiteit Rotterdam)


Met veel plezier heb ik in de afgelopen dagen het boek van Mauk Mulder over macht gelezen. Het lijkt er wel eens op dat mensen die macht hebben dat liever niet toegeven. Alsof het verwerpelijk is om macht te hebben. Maar zonder macht beweegt er niks. Het boek van Mauk Mulder maakt dat weer eens helder.
Al enkele decennia geleden schreef Mulder min of meer het Nederlandstalige standaardwerk over macht ( met als centrale theorie de ‘machtafstandreductie theorie’
Het boek heeft een aantal beknopte theoretische inleidingen en is verder opgebouwd uit korte observaties met reflecties er op. ‘Als een aap de machtige aap gaat vlooien om hem gunstig te stemmen, ziet dat er anders uit dan de adviseur die zich inlikt bij de machtige topman van een bedrijf. Maar deze vleiende hoveling doet in wezen het zelfde als de vlooiende aap. De verschijningsvormen zijn verschillend, de drijfveer is dezelfde’. Door het boek heen wordt de lezer regelmatig aangemoedigd om na te denken hoe hij/zij met (on)macht om gaat.

(Rudy Kor, organisatie adviseur)


Vijftien wetten van de macht, zit de wereld daar nu op te wachten? Die vraag stelde ik mij nog voordat ik het boek had gelezen en in een bijlage van vijftien wetten uitgeschreven zag. En nu ik het gelezen heb ben ik een wijzer mens geworden. Met nog meer argumenten om nog vaker uit te gaan van wederzijds open overleg. ‘De logica van de macht’ is dus meer dan geslaagd. Het overtuigt.
‘De logica van de macht’ van Mauk Mulder is een overtuigend boek. Maar ook een ‘eng’ boek. Het beschrijft de realiteit en de logica van de macht op zo’n boeiende manier dat het observeren van al die machtslogica, ook je eigen omgeving bijna pijn doet.
‘De logica van de macht’ de titel zegt alles over het boek. Het is een van de weinige heel sterke titels die ik ken. En net als boeken over projectmanagement en veranderingen hoort dit boek gewoon thuis in elke bibliotheek. Iedereen heeft iets met macht. Al is het maar omdat hij of zij eindelijk wil begrijpen waarom zijn baas zo gek doet. Want zoals uit dit boek zal blijken is het gedrag van de baas gewoon logisch. En heeft hij of zij daar als niet bedreigende medewerker zelf de nodige steentjes aan bijgedragen (machtswet 7) om in de volgende fases (als hij of zij zelf aan de macht gekomen is) heel verschillend gedrag te gaan vertonen (Afgeleide wet van de machtsfasen, combinatie van wet 2,4 en 8)
In mijn omgeving willen meer en meer mensen werken aan het open een eerlijk overleg. Geen verborgen agenda’s. Transparantie. Dit boek geeft aanwijzingen hoe dat zou moeten. Maar geeft vooral veel indringende informatie waarom het niet zo vaak lukt. Dat maakt het herkenbaar en ik moet erkennen dat ook ik naar macht streef (wet 1)

(Renze Klamer, management consultant)


Dear…,

Op grond van jouw uitlatingen over “De logica van de macht” door Mauk Mulder heb ik het boek aangeschaft en daarna gelezen. Wat een schitterend en prachtig boek! Een “Il Principe” van Machiavelli van deze tijd. Het boek is ook uiterst geschikt voor sommigen van diegenen die ik coach.
Kortom dankjewel voor dit spoor dat je voor mij uitzette.
Hartelijke groeten van……..

(een organisatie-adviseur aan een collega)
"



Ter geruststelling: Mauk Mulder heeft zware zelfkritiek! Toepassing van de machtlogica op een specifiek gebied:
Management en zijn medewerkers

- 4.1 Mauk Mulder: “De wetten van de macht”
- het spel tussen Ondernemingsraad en bestuurder -
Interview in OR Informatie, Special. Nr. 10a, okt. 2005, 20-22

De auteur van “De Logica van de Macht” toetst in dit artikel of zijn theorie over macht praktisch toepasbaar en nuttig is voor de leiding van een organisatie en de medewerkers, ofwel de OR.
In dit praktijkgebied gaat het om samenwerking maar uitgangspunten en prioriteiten kunnen sterk verschillen. De auteur maakt duidelijk dat de OR
· zich niet moet beperken tot alleen “sociale zaken” (de hele strategie gaat de OR aan),
· zich zo nodig kan opstellen als loyale rebel,
· zich niet moet laten inpakken door mooie woorden van de bestuurder, als diens daden daarvan afwijken,
· het nuttigst bijdraagt aan de belangen van bedrijf en werknemers door in de omgang met de bestuurders zoveel mogelijk het wederzijds open overleg (operationeel gedefinieerd in dit artikel) te realiseren.

- 4.2 Interview door Rob Visser
“De dictator is thuis een pantoffelheld”
In Personeelsbeleid nr. 9, 2005, 38-43

In dit interview stelt de auteur, dat ondanks het poldermodel, onze omgang met macht en machtigen nog van een beperkte kwaliteit is.
Over machtsverhouding zijn wij niet transparant; maar juist versluierend. En een realistische analyse “wat macht is”, is nodig om onze omgang met macht te verbeteren. Enkele kernpunten; machtigen gedragen zich vaak niet volgens rede en gewone logica, maar volgens een aantal drijfveren die hen tot onredelijk gedrag brengen. Passend in deze machtlogica is bijvoorbeeld de grote capaciteit van machtigen om, in toneelspel, goede eigenschappen te tonen.


- 4.3 Mauk Mulder, Frank Robroek en Henk Stil
De machteloze werknemer
hoe word ik mijn manager de baas – (oktober 2006)
Kluwer 2006 ISBN 90.13.03700.3

De auteurs bespreken de toenemende macht van de managers-kaste, en de nadelen daarvan op de motivatie en productiviteit van de mensen die operationeel werkzaam zijn (de professionals en uitvoerders).

Mauk Mulder:
- De Stratcon methode
De auteur bespreekt hoe een bedrijf of een ander sociaal systeem zijn doelstellingen opnieuw kan ontwerpen of opnieuw opladen. Hij heeft leiderschap van bedrijven en andere groepen in meer dan honderd zittingen van (meestal 2 aaneengesloten dagen) begeleid, met vrijwel altijd heel positieve resultaten.
Human resource Manager en macht
Recente lezing voor afstudeerders, Hogeschool van Amsterdam.

Oordeel van Cursusleider van Hogeschool:
De lezing van Mauk Mulder waardeer ik als volgt:
Inspirerend
Inzicht bevorderend
Ik kan er direct mee aan het werk: dat je zelf niet zoiets simpels kunt bedenken
Hoe pijnlijk ook de onderwerpen: goede interactie tussen deelnemers en tussen Mauk Mulder en de deelnemers
Prachtige analyses


Deelnemers aan het blok bedrijfskunde, in in-company Algemene Management leergang van een groot bedrijf.

Heerlijke sessie
Zeer leerzaam en indrukwekkend
Zeer goed. Duidelijk, praktisch met veel voorbeelden

Het in subgroepen met weinig aanreikingen tot zeer verrassende resultaten komen.
Van alle onderwerpen die behandeld zijn geleerd
Macht herkennen en mee omgaan
Positief denken (houding is belangrijk)

Het meeste is onmiddellijk bruikbaar
Ervaring uit de praktijk
Zelfwerkzaamheid bij de oefeningen
Begrip en affiniteit van de docent

Grandioos
De heer Mulder is een zeer bekwaam en ervaren man in deze materie en kan dit ook zeer leerzaam overbrengen (sub-groepen)

Workshops

De door Mauk Mulder voorgezeten workshops rondom het thema macht zijn niet alleen bijzonder leerzaam en inspirerend, maar ook leuk om te volgen.
alle facetten van macht komen in de workshop aan de orde, van hele kleine tot extreem grote machtsverschillen en de gevolgen daarvan. Ook de positieve aspecten van de macht. Niet abstract, maar heel concreet. Op het werk, de sportclub, binnen de familie of het gezin etc.
……blijkt uit de workshop dat iedereen in staat is zijn of haar 'omgaan met macht' te verbeteren. In de tweede bijeenkomst van één dagdeel konden enkele deelnemers zelfs concrete resultaten laten zien.
Ik ben van mening dat de boodschap van Mauk Mulder zoals verwoord in zijn laatste boek 'De logica van de macht' en uitgedragen tijdens deze workshops een groot publiek verdienen. Het klinkt misschien zwaar aangezet maar ik vind het een boodschap aan de wereld. Hoeveel leuker zou die eruit zien als meer mensen deze boodschap zouden oppikken en anders met macht zouden omgaan? Van pesten op school tot oorlogen, het gaat toch steeds weer over macht...Laten we dus maar eens beginnen deze workshops verplicht te stellen op alle scholen in Nederland.

(deelnemer ir. Joris Lap, consultant, na workshop van drie dagdelen)

De workshop met betrekking tot het thema “macht” onder leiding van Mauk Mulder is een buitengewoon inspirerende ervaring geweest. Mauk wist binnen korte tijd de intimiteit onder acht mensen te creëren om persoonlijke ervaringen uit te wisselen. Tijdens de uitwisselingen werden we bovendien speels gevoed door zijn enorme ervaring en kennis op het onderwerp.
Voor mij persoonlijk is het belangrijk geweest te doorzien dat “macht” zuiver rationeel is. Macht is voor mij in het dagelijks leven niet langer iets dat genomen, maar ook iets dat gegeven wordt. Aan welke kant je ook staat, je hebt daarin dus ook een eigen verantwoordelijkheid. Je bent dan ook niet altijd zo machteloos als je denkt. Persoonlijk heb ik het dan over macht in open, redelijk communicerend systeem.
De verdieping in het thema “macht” is voor mij inmiddels niet alleen een maatschappelijk boeiende, maar zeker ook een persoonlijke tocht. Dat is Mauk zijn verdienste. Ik hoop dat we Mauk dab ook nog eens mogen strikken om onder zijn gepassioneerde leiding op dit prachtige onderwerp verder door te gaan....

(Deelnemer mr. drs. Edith van Bellen-Weynen)

Ook hier geldt: er zijn minder positieve oordelen!

Mauk Mulder begeleidt workshops over: leiderschap; strategie; conflict en samenwerking; macht en niet-op-macht-gebaseerde beïnvloeding.
Klein aantal deelnemers; 1 dagdeel, 1 dag, 2 dagen/
Deelnemers: leiders van bedrijven, instellingen, e.d.; masterclasses na-ervaringsonderwijs van universiteiten/hogescholen; studenten van universiteiten/hogescholen; in-companytraining; enz.

29.3.07

ABN AMRO

Op 12 oktober 1999 noemde Bernard Hulsman het nieuwe hoofdkantoor van deze Bank "een sterk staaltje machtsarchitectuur, vooral indrukwekkend door de omvang en overvloedige kostbare materialen".

Al eerder besprak ik de behoefte aan monumentale hoofdkwartier-gebouwen van de leiders van grote bedrijven als vergelijkbaar met de neiging van historische leiders om standbeelden van zichzelf op te richten, liefst te paard ("bouwers van een monument", in publicatie, later genoemd, blz. 25).
Kan hier nog van een onschuldige zelfverheffing worden gesproken, afbreukrisico's zijn extreem bij de neiging om fusies (of acquisities) aan te gaan.

Waar al heel lang wetenschappelijke analyse duidelijk maakt, dat fusies veel vaker niet dan wel succesvol zijn (succesvol is: de beoogde doeleinden worden gerealiseerd, zoals grotere winst, lagere kosten, enz.), gaan de leiders van de organisaties in bedrijfsleven en daarbuiten ermee door. Alsof groter beter is.
Het leiderschap van ABN Amro is al jaren niet succesvol in vergelijking met andere Banken. Recent werd nog de eerder gehanteerde benchmarking methode (om de extra verdiensten van de topmannen te berekenen op grond van vergelijking met andere Banken) geschrapt door Nr Een, Rijkman Groenink, omdat ze niet bevredigend waren. Niet bevredigend?
In ieder geval waren de opties niet bevredigend, omdat de resultaten van de Bank beneden niveau waren!
Toen private equity fondsen de falende strategie van de Bank aan het licht brachten, koos het leiderschap voor een vlucht naar voren en ging exclusief met de Barclays Bank over fusie onderhandelen. Dus dreigt weer een door Nederlands initiatief gecreëerde, sterke speler in het veld, door zoveelste-generatie managers verkocht te worden naar het buitenland.

Vast staat dat de topmannen met enorme (optie-)opbrengsten beloond zullen worden en wellicht ook met hoge functies. Zoals bij de verkoop van KLM aan de Franse luchtvaartmaatschappij Air France voor de prijs van èèn Boeing; terwijl kort erna de Fransen begonnen om de gelden van het KLM pensioenfonds over te hevelen naar de gewone bedrijfsvoering. Maar: de topmannen werden beloond, financieel en met functies.

En vele voorbeelden uit andere sectoren (Energie, de Gezondheidszorg, het Onderwijs, etc.) tonen hetzelfde beeld: de topmanagers maken steeds grotere organisaties, met slechts zelden naast kreten als schaalvergroting, operationele (dat is toetsbare) doelstellingen; en als die er zijn worden ze zelden gehaald.

Wij kijken ernaar en gedogen. Dat onze bedrijven "gezocht" zijn is dankzij onze maatschappij, waarin (toch!) voldoende rust heerst, dankzij onze opleidingen van goed opgeleide professionals, zoals technici, vliegers (toch!).

De commissarissen houden zich stil en onzichtbaar; bewaken zij de belangen van het bedrijf en van de stakeholders (waartoe de burgers van dit land behoren)? Wanneer grijpen zij in? En wanneer grijpen de echte leiders in? Maatschappelijk ondernemen is toch het devies? En wanneer grijpen onze politici in (zoals Chirac allang doet in Frankrijk) om deze uitverkoop te beteugelen? Tenslotte, een uitzwaaier!

Een algemene vraag is: waarom gaan deze leiders hiermee door, ondanks de feiten. In 1976 meldde ik ( in "Fusies, een sociaal-organisatorische benadering voor fusies en andere samenvoegingen, ISBN 90.207.0666.7) dat fusies aan een grote misluk-kans onderhevig waren en dat in de fusie literatuur het begrip "macht" opvallend ontbrak. En dat juist de machtdrijfveer van de hoogste leiders een beslissende factor was in besluiten om wel of niet te fuseren (blz. 27-35)

Worden de belangen van vrijwel alle werknemers (dus met uitzondering van de top) en de Nederlandse maatschappij niet beter gediend door een fusie van ABN Amro met een ING?
Openheid is toch een deugd, open markt de filosofie van de managers? Waarom dan niet ook hier een verkennign of niet een andere fusiepartner beter kan zijn?

10.4.06

Keyl met goede bedoelingen toch te kort door de bocht

Afgelopen week: Catharine Keyl vertoonde op TV videobeelden waarin schoolmeisjes hardhandig en hardvoetig met elkaar vochten, onder toeziend oog van jongens. (Deze beelden waren eerder op Internet getoond). Zoals zo vaak op TV: enkele deskundigen mochten nu en dan heel kort meningen geven en de (in haar vak heel deskundige) presentatrice riep bevlogen uit: "Dat kàn toch niet,wat is hier aan te doen?" Alsof zelfs deskundigen op die vraag in één minuutje een waardevol antwoord kunnen zouden kunnen geven.

Degenen die dat denken te kunnen en het dan ook doen zijn die typische zichzelf overschattende betweters die over elk probleem hun zogenaamde waarheden uitkramen. Ik stel in publicaties en op mijn website al jaren mijn visie aan de orde dat de machtige beleidsbepalers in het domein van fysiek en mentaal pesten op school (en pesten op straat en in de werksiuaties!) zelf het eigenlijke probleemzijn. Door wat zij doen en vooral door wat zij nalaten te doen.

Eén uit vele ervaringen: Een tweetal jaren geleden heb ik in een gesprek aan de voorzitter van een grote onderwijs-organisatie een initiatief-plan voorgelegd voor een lange-termijn-gerichte, fundamentele aanpak van 'pesten' op scholen. Zijn reactie: "Het valt heus wel mee." De typische reactie van machtige beslissers op hen onwelgevallige informatie. Maar het valt niet mee. Het valt nu, zo bleek uit zijn recente uitspraken, hem niet meer mee en spreken de feiten al vele jaren een andere taal. Voor wie zich daarvoor niet afsluit.

Een ander voorbeeld uit vele : Lang geleden interviewde een destijds heel bekendetv-presentatrice enkele adolescente meisjes, die haar vertelden een oude vrouwop straat fysiek te hebben mishandeld. Op de vraag "Waarom?" luidde het antwoord: "Zomaar." Daar liet de presentatrice het bij. Er zijn talloze stille strijders aan het front (onderwijskrachten, jeugdwerkers,enz.) die er allerlei aan doen. Maar de machtigen in dit domein moeten de voorwaarden creëren opdat deze strijders hun moeilijke werk goed kunnen (blijven!) doen. En daaraan schort het.

Ook sinds jaren heb ik de negatieve ontwikkelingen inzake harde politieketerreur geanalyseerd. Dus lang voor 9.11, de aanval op symbolen van Amerika's macht. Ik heb onder meer gewezen op de lange reeks van dergelijke terreurgevallen sinds de tachtiger jaren van de vorige eeuw. Ook daar waren er dus allang duidelijke signalen. En ook daar waren er de machtigen, de politici en de publicitaire trendsetters, met hun atttitude van "niks aan de hand, laat het maar aan ons over, dat zit wel goed..."

Weer is de vraag: wat is de grootste dreiging? Weer is mijn visie: de machtigen.
Een recente analyse van mij (mei 2005): Na ons land in paniek na twee politieke moorden in twee jaar (Pim Fortuyn en Theo van Gogh). Geen paniek eerder over meer slachtoffers van terreur in ons land en om ons heen. Geen paniek over extreme machtsmisbruikers in Zuid-Amerika, over honderdduizendenen, milljoenen, gemartelden en vermoorden in Joegoslavië, Afrikaanse en Aziatische landen (per locatie). Eigenlijk raakt niet zozeer Nederland in paniek, alswel het machtsestablishment. Mijn visie:Het grootste probleem is minder het extremistisch terrorisme alswel hoe de machtigen hiermee omgaan.

En wat is de afgelopen week te lezen in NRC/Handersblad van 6 april 2006? Dat een aantal zeer belangrijke Amerikaanse beslissers en deskundigen tijdens een hoorzitting van een Senaatscommissie het Europese- en met name het Nederlandse- beleid afkraken, onder meer ons Nederlandse integratiebeleid, het uitzettingsbeleid, het paniekgedrag na de moord op Van Gogh, het beleid ten aanzien van radicalistische Islamieten. Dus, politici en andere beleidsbepalers: zo hoor je het eens van een ander. Maar of de beslissers en publicitaire trendsetters hiervan ditmaal iets zullen leren, en een ideëenrijk, lange-termijn gericht, evenwichtig beleid van kracht en zachtheid zullen ontwikkelen?

Ik ben graag bereid om hierover een gesprek/interview te hebben met een deskundig en bevlogen interviewer die hier de tijd voor wil nemen.
Stuur me desgewenst een mail of bel.

Overigens, ook in mijn boek 'De logica van de macht' ( Scriptum, ISBN 90 5594 320 7 ) ga ik dieper in op deze problemen en geef ik actieplannen aan ter verbeteringvoor de korte èn de lange termijn.